Terug naar startpagina
Hulp gevraagd: Wie weet meer over deze kwestie?

 
Onlangs ontving ik het volgende bericht van de assistent archivaris van de Aircraft Research Group Achterhoek (ARGA). Deze organisatie is al ruim 17 jaar bezig met het onderzoeken van de luchtoorlog boven Oost-Nederland gedurende de Tweede Wereldoorlog. Dit doen zij door het uitvoeren van archiefonderzoek in binnen- en buitenland, locatie-onderzoek op de crashplaats en uiteindelijk het bergen van het vliegtuigwrak. Het doel hiervan is om te onderzoeken waar, waarom, welk vliegtuig is neergestort en wat er met de bemanning is gebeurd teneinde dit vast te leggen voor de toekomst in boekvorm en in een museum. Ik citeer uit zijn brief: Afbeelding uit de Microsoft flightsimulator Spitfire

 
Sinds de oprichting van de ARGA zijn wij bezig met het onderzoek van de crash van een Engels jachtvliegtuig bij Herwen (20 km ZO van Arnhem). Het toestel is neergeschoten op 22 maart 1940 en de piloot kwam hierbij om het leven. Het toestel boorde zich diep in de grond in ondergelopen uiterwaarden. Op zaterdag 23 maart 1940 arriveerde er een duiker van de familie Sperling samen met het bergingsvaartuig "de Zeeleeuw". Deze duiker heeft bij het vliegtuigwrak gewerkt.
[...]
Het is voor ons nog steeds onduidelijk waar exact het vliegtuig neerstortte en of het toentertijd geborgen is. Bijgaande stuur ik U een gescand krantenartikel uit de Telegraaf van 24 maart 1940 waarin de duiker wordt vernoemd.

 
Duiker gekomen.
(Uit: De Telegraaf, 24 Maart 1940)

Tegen het middaguur kwam Zaterdag een jonge duiker, een lid van het bekende duikersgeslacht Sperling, ter plaatse, om de situatie op te nemen. Voor hij in het water kon gaan, moest hij wachten op de komst van het bergingsvaartuig "Zeeleeuw", dat pas om vijf uur de Oude Waal, een dooden zijtak van den Rijn, kwam opvaren.
    Het schip en een dekschuit met materiaal kozen ligplaats tegen den strekdam van den Bijlandpolder, waar aan de andere zijde de vliegtuigromp zich onder water bevindt.
    Om halfzes waren de voorbereidingen zoover gevorderd, dat de jonge Sperling zich in zijn duikerspak onder water kon begeven. Ingespannen volgde men de bewegingen van de luchttoevoerslang, die aangaf, waar de duiker zich bevond, doch overigens was er weinig te zien, want het water was door den losgewoelden grond zeer troebel. Na ongeveer anderhalf uur was Sperling met zijn onderzoek gereed. Aan boord van de "Zeeleeuw" deelde hij zijn bevindingen mede.
    De romp en de motor van het vliegtuig waren volgens den duiker vrijwel vernield. De zware massa stond rechtop in een gat van ongeveer drie meter, zoodat hij de cabine niet heeft kunnen bereiken. Nog steeds weet men dus niet zeker of de bemanning van het toestel zich in het wrak bevindt. Nu de duiker weinig meer kon uitrichten, werd besloten den grond om het wrak weg te zuigen. Laat in den avond kon hier een aanvang mee worden gemaakt. Met dit werk zijn vele uren gemoeid en ofschoon men blijft doorwerken, laat het zich aanzien, dat het toestel niet vóór Zondag gelicht zal kunnen worden.
    De honderden toeschouwers, die zich den geheelen middag en avond op den driehonderd meter verder gelegen dijk bevonden, hebben weinig te zien gekregen. In tegenstelling tot gisteren mocht vandaag op last van de militaire autoriteiten niemand zich in de omgeving van het wrak of op het bergingsvaartuig ophouden. Ook de pers werd op een afstand gehouden, en er was een absoluut verbod om te fotografeeren.

Aangezien er nogal wat duikers werkzaam waren binnen de familie Sperling, is het niet zo eenvoudig te zeggen om welke Sperling het hier gaat.

Zijn vraag is nu, of er meer bekend is over deze berging, eventueel in de vorm van foto's, dagboekaantekeningen e.d.

Stuur een e-mail als u meer weet over deze kwestie!
 
 

Einde pagina. Laatste wijziging 22 Februari 2005.